Opleiden voor de toekomst: hoe doe je dat?

Opleiden en leren raakt altijd de toekomst. Ga maar eens op zoek naar een visiedocument, schoolplan of opleidingsprofiel zonder een duiding van iets wat lijkt op: “het klaarstomen van studenten voor de beroepspraktijk” of “het voorbereiden van onze leerlingen op de toekomst”. Logisch ook, het doel van onderwijs is uiteraard onlosmakelijk verbonden met de toekomst.

Biesta (2010; 2015) beschrijft hoe onderwijs toewerkt naar drie doeleinden: kwalificatie, socialisatie en subjectificatie. Alle drie de doelen verwijzen naar een toekomstperspectief: de eerste specifiek naar de ontwikkeling van een toekomstig professional, de tweede naar de ontwikkeling van een (wereld)burger in de toekomstige maatschappij, de laatste naar persoonsvorming van een groeiend individu. Ondanks die onlosmakelijke verbondenheid van onderwijs en toekomst, staan we lang niet altijd stil bij begripsvorming van de toekomst. In dit artikel verkennen we het begrip ‘toekomstgeletterdheid’ en bespreken we een aantal voorbeelden van hoe je met leerlingen en studenten hiermee aan de slag kunt gaan. 

Toekomstgeletterdheid 

We houden ons continu bezig met de toekomst. Grofweg zijn er twee manieren waarop we de toekomst ‘gebruiken’ in ons dagelijks leven. De eerste manier is door het anticiperen op de toekomst. Denk aan de plannen die we maken voor een voor ons aannemelijk toekomstbeeld. We plannen de nabije toekomst, maar denken ook na over trends en ontwikkelingen op de langere termijn. Terwijl we dat doen, bestaat de kans dat de toekomst waar we ons mee bezig houden als bestaande waarheid aangenomen wordt. Het creëert een vorm van schijnzekerheid om uit te kunnen gaan van een specifiek toekomstbeeld. 

Een tweede manier waarop we de toekomst kunnen gebruiken, is door het anticiperen op emergentie. Hierbij onderzoeken we de aannames die we hebben bij een toekomstbeeld en verkennen we alternatieven. Een belangrijk besef hierbij is dat er niet zoiets bestaat als één toekomst. Door om te kunnen gaan met die onvoorspelbaarheid en verschillende toekomstscenario’s te verkennen, zijn we ook beter in staat om ons huidige gedrag en perspectief op het heden te begrijpen. Dit is waar toekomstgeletterdheid om draait (Miller, 2015; 2018). Beide manieren van gebruik van de toekomst zijn noodzakelijk. Al zijn we doorgaans geneigd vooral bezig te zijn met de eerste manier. Door ook meer met de toekomst bezig te zijn op de tweede manier stelt de leerling of student in staat om bewuster een eigen toekomstbeeld te creëren dat een vliegwiel kan zijn voor innovatie en veerkracht (UNESCO, 2020). Een hele belofte. 

Welke rol speelt toekomstgeletterdheid in het leerproces? 

Door toekomstgeletterheid te ontwikkelen, wordt de leerling of student zich bewust van meestal onbewuste anticiperende systemen, zoals aannames, emoties of onbewuste impulsen. Deze principes van toekomstgeletterdheid zijn terug te herleiden naar de theorie van transformatief leren (Mezirow, 1991). Hierbij wordt een leerproces bedoeld, waarin bewustzijn van iemands overtuigingen en gevoelens en het bevragen van aannames leidt tot een beoordeling van alternatieve perspectieven en een besluit om een nieuw perspectief te vormen. Transformatief leren gaat dus niet om meer of andere kennis leren, maar om het waarderen, eigen maken en internaliseren van kennis. Dit is een vorm van diep leren die weer zijn weerslag heeft op Biesta’s doel van onderwijs, namelijk subjectificatie. 

Hoe ontwikkel je toekomstgeletterdheid? 

Veelvuldig onderzoek naar toekomstgeletterdheid door onder andere UNESCO wijst uit dat de vaardigheid bestaat uit drie fasen:

  1. De eerste fase legt de impliciete voorkeuren en verwachtingen bloot die leerlingen en studenten over de toekomst hebben.
  2. De tweede fase ‘herkadert’ de aannames door een confrontatie met een denkbeeldige toekomst zodat ze in de…
  3. Derde fase nieuwe, strategische, vragen kunnen formuleren over het heden en deze beter leren begrijpen en monitoren (Kazemier et al., 2021; Miller, 2015). 

Hieronder volgt een aantal voorbeelden van hoe je aan de slag kan met deze vaardigheid. In alle drie de voorbeelden is het belangrijk om de fasen zoals hierboven beschreven te doorlopen. Zorg dus dat je niet eindigt bij fase twee, maar ook echt reflecteert op het begrijpen van het heden door middel van het verkennen van de toekomst. 

Klein beginnen

Een kleine maar leuke activiteit is om leerlingen of studenten aan het werk te zetten met de volgende vraag: “Stel, je wordt over 100 jaar wakker in deze maatschappij. Je loopt rond en komt een aantal mensen op straat tegen. Wat zou een eerste vraag zijn die je zou willen stellen aan iemand om de wereld van dan te leren begrijpen?” Zo’n soort vraag in de klas bespreken, met vervolgens een reflectie op welke aannames onderliggend zijn aan de vragen waar studenten en leerlingen mee komen, is een mooie activiteit die het bewustzijn van aannames over de toekomst blootlegt. 

Toekomstdromen

Een andere activiteit is het uitwerken van drie verschillende toekomstscenario’s. Het eerste toekomstscenario is het scenario van de verwachte toekomst: wat verwachten we op basis van huidige trends in de toekomst te zien? Het tweede scenario is de gewenste toekomst: wat zou wat ons betreft een droomscenario zijn, waarbij alles mogelijk zou zijn? Het derde scenario is een absurde toekomst: in dit scenario kun je een kenmerkend element van de maatschappij of bijvoorbeeld het vakgebied van de studenten uitvergroten en absurdistisch maken. Hoe zou de wereld er dan uitzien en functioneren? 

Het gesprek over de verschillen tussen de scenario’s en de onderliggende aannames geeft inzicht in hoe leerlingen en studenten het heden begrijpen. 

Scenariomethode 

Een uitgebreide aanpak wordt veelal de scenariomethode of scenarioplanning genoemd (Benammar & Snoek, 2006). Bij deze aanpak doorlopen leerlingen of studenten zelf een uitgebreide onderzoekende fase naar mogelijke toekomstscenario’s. Een onderwerp waarbinnen dit vaker wordt toegepast is bijvoorbeeld de inrichting van leefomgevingen als onderdeel van aardrijkskundelessen. Of bijvoorbeeld de inrichting van de maatschappij op basis van technologische ontwikkelingen bij bijvoorbeeld sociale studies. In die onderzoeksfase worden trends onderzocht en worden vier scenario’s uitgewerkt op basis van twee externe invloeden. Bij deze scenario’s is afwisselend sprake van helemaal geen of juist heel veel invloed van een bepaalde externe invloed (zie figuur).

Bij het leren door middel van de scenariomethode kan de nadruk zowel komen te liggen op het proces, het innovatief en out-of-the-box denken bijvoorbeeld, als op het product, de kwaliteit van de toekomstscenario’s en het onderzoek naar trends (Benammar, & Snoek, 2006). 

Het begrip toekomstgeletterdheid is niet nieuw, maar tegelijkertijd wordt nog volop onderzoek gedaan naar de vaardigheid. Het werken aan deze vaardigheid lijkt een mooie aanvulling op betekenisvol onderwijs. Juist omdat we niet precies weten voor wat voor beroepssituaties en ervaringen we onze leerlingen en studenten klaarstomen. Onderwijs is dus bij uitstek de plek om met regelmaat een beroep te doen op de wendbaarheid en het verbeeldingsvermogen van leerlingen en studenten. 

Dit artikel bood een eerste verkenning van het begrip en met een aantal voorbeelden van werken aan de vaardigheid toekomstgeletterdheid. Wij zijn benieuwd naar jullie ervaringen: ben jij bekend met het werken aan toekomstgeletterdheid en zo ja, hoe werk jij hieraan in jouw onderwijspraktijk? 

Meer lezen? De leerstoel van UNESCO Futures Literacy staat op de Hanze Hogeschool te Groningen: https://futuresliteracy.net 

Literatuur

Benammar, K., & Snoek, M. (2006). Leren met Toekomstscenario’s: Scenarioleren voor het hoger onderwijs.

Biesta, G.J.J. (2010) Good Education in an Age of Measurement, (Boulder, Paradigm Publishers).

Biesta, G. (2015). What is education for? On good education, teacher judgement, and educational professionalism. European Journal of education, 50(1), 75-87.

Kazemier, E. M., Damhof, L., Gulmans, J., & Cremers, P. H. (2021). Mastering futures literacy in higher education: An evaluation of learning outcomes and instructional design of a faculty development program. Futures, 132, 102814.

Mezirow, J. (1991). Transformative dimensions of adult learning. Jossey-Bass, 350 Sansome Street, San Francisco, CA 94104-1310.

Miller, R. (2015). Learning, the future, and complexity. An essay on the emergence of futures literacy. European Journal of Education, 50(4), 513-523.

Miller, R. (2018).Transforming the future. Anticipation in the 21st Century. Paris, France: UNESCO.

 

image_pdfDownload artikel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vernieuwenderwijs

Als Vernieuwenderwijs helpen we scholen en opleidingen te komen tot krachtig onderwijs. Dit doen we door diensten en producten te bieden op het gebied van visie, curriculumontwerp, toetsing en didactiek.

Nieuwsbrief

Elke week onze artikelen & interessante linkjes ontvangen?

Please wait...

Bedankt, je staat op onze mailinglijst!

Contact

Vernieuwenderwijs B.V.
Kerkenbos 1344
6546 BG Nijmegen

📞 Wessel: 06 194 02 982

📞 Michiel: 06 193 37 715

✉️ info@vernieuwenderwijs.nl

© 2024 · Vernieuwenderwijs