Steeds meer scholen en opleidingen werken aan hun curriculum. Soms omdat er nieuwe kaders liggen, soms omdat de opleiding flexibeler moet worden, en soms omdat een team merkt dat de samenhang niet meer vanzelfsprekend is. Alleen: wie helpt zo’n curriculumverandering binnen de eigen organisatie vorm te geven? Vanuit die vraag ontwikkelden we dit jaar voor het eerst de Opleiding Curriculumexpert. En nu de eerste editie achter de rug is, kijken we terug: wat is er bereikt? Wat gebeurde er tijdens de opleidingsdagen? En misschien nog belangrijker: wat hebben we er zelf van geleerd?
Waarom een opleiding tot curriculumexpert?
Tijdens ons werk komen we op veel scholen en opleidingen, en in die trajecten zien we vaak hoe waardevol het is als er intern iemand rondloopt met curriculumexpertise. Iemand die het geheel kan overzien, vragen kan ordenen, keuzes expliciet kan maken en collega’s kan helpen om vanuit samenhang te ontwerpen.
Natuurlijk kun je daar een externe partij bij betrekken, maar uiteindelijk wil je niet dat curriculumontwikkeling alleen afhankelijk is van iemand van buiten. Juist binnen een school of opleiding is er behoefte aan mensen die de taal, context en dagelijkse praktijk kennen, en tegelijk met genoeg afstand naar het curriculum kunnen kijken.
Voor ons zat daar dan ook de belangrijkste intentie: docenten, opleiders en onderwijsprofessionals helpen om curriculumverandering zelf steviger te dragen. Maar natuurlijk niet door ze in acht dagen “af” te leveren als expert, want zo werkt professionele ontwikkeling niet. Wel door ze een stevige basis te geven in curriculumontwerp, curriculumbewust handelen en veranderkundig werken, zodat zij binnen hun eigen context met meer richting en vertrouwen aan de slag kunnen.
Zelf ontwerpen volgens onze eigen principes
Het ontwikkelen van de opleiding was inhoudelijk ontzettend leuk én een mooie uitdaging. De dagen waarop we samen aan het ontwerp werkten, waren vaak ook de dagen waarop je aan het einde denkt: dit was heel waardevol, maar ik ben ook wel leeg.
Dat had vooral te maken met de steeds terugkerende ontwerpvraag: wat moet er echt in?
De insteek van de opleiding was helder: geen toetsopleiding, of een brede onderwijskundige opleiding waarin het curriculum maar een van de thema’s is. Tegelijkertijd kun je curriculumontwerp niet los zien van leerdoelen/leeruitkomsten, toetsing, didactiek, visie, organisatie en verandering. De uitdaging was dus om het hele curriculum in beeld te houden, zonder dat het te veel of te abstract zou worden.
Daarom zijn we begonnen bij de leerdoelen (vo) en leeruitkomsten (mbo en hbo). Wat moet iemand na afloop kunnen laten zien? Welke kennis, vaardigheden en houding horen daarbij? Van daaruit hebben we de volgorde van de bijeenkomsten ontworpen. En vervolgens hebben we die volgorde ook weer aangepast, omdat het in het ontwerpgesprek ineens logischer bleek om bepaalde onderwerpen eerder of later te plaatsen.
Eigenlijk hebben we dus precies gedaan wat we deelnemers ook wilden laten doen: ontwerpen vanuit beoogde opbrengsten, voortdurend de verbinding zoeken tussen theorie en praktijk, en blijven bijstellen op basis van wat je ziet.
De eigen casus als motor
Een van de keuzes waar we vanaf het begin vanuit zijn gegaan, was het werken met een eigen casus. Iedere deelnemer bracht een curriculumvraagstuk mee uit de eigen praktijk. Dat kon gaan over een module, een leerlijn, een toetsprogramma of een bredere herziening van een opleiding.
Wat we vooraf misschien nog niet helemaal konden inschatten, was hoe belangrijk die keuze zou zijn.
Doordat deelnemers de hele opleiding aan hun eigen casus werken, werd de inhoud nooit alleen theorie. Een model was niet zomaar een model, maar een manier om naar je eigen curriculum te kijken. Een discussie over leeruitkomsten ging niet alleen over formuleringen, maar over de vraag wat je als opleiding eigenlijk belangrijk vindt. En een gesprek over verandering ging niet alleen over draagvlak in algemene zin, maar ook over directe collega’s, je teams en de daarbij behorende spanningen.
Je zag daardoor dat het geleerde beter bleef hangen en dat deelnemers steeds concretere stappen gingen zetten binnen hun eigen school of opleiding. Deelnemers gingen vragen anders stellen, aannames explicieter maken en verbanden zien die daarvoor minder zichtbaar waren.
Zoals een deelnemer het mooi verwoordde: “als je het curriculum eenmaal als geheel ziet, kun je het eigenlijk niet meer ontzien.”
“als je het curriculum eenmaal als geheel ziet, kun je het eigenlijk niet meer ontzien.”

Intensieve dagen, veel uitwisseling
De opleidingsdagen zelf waren intensief. Er werd veel gedacht, gewerkt, besproken, ontworpen en gepresenteerd. De groep kwam echt iets halen, maar bracht ook veel mee en dat maakte de uitwisseling sterk.
Deelnemers kwamen uit verschillende contexten en sectoren. Daardoor was het soms best zoeken: wat betekent een ontwerpkeuze in jouw opleiding? Welke ruimte heb je eigenlijk binnen jouw kaders? En welke aannames leven er in je team over wat wel en niet kan?
Juist daar ontstonden vaak waardevolle gesprekken. Door je te verplaatsen in de context van een ander, ga je ook scherper kijken naar je eigen situatie. Soms ontdek je dat iets wat jij als logisch zag, in een andere opleiding heel anders wordt opgelost. Soms merk je dat een probleem dat heel contextafhankelijk lijkt, eigenlijk op veel meer plekken speelt.
Tijdens de bijeenkomsten wisselden we inhoudelijke verdieping af met praktische toepassing. Soms gingen we stevig de theorie in en op andere momenten maakten deelnemers een analyse, ontwierpen ze vervolgstappen, werkten ze aan een fictieve casus of namen ze bijvoorbeeld een beoordelingsformulier mee om samen te onderzoeken wat daarin eigenlijk zichtbaar wordt over het curriculum.
Vaak zag je de kwartjes juist vallen op het moment van vertaling. Niet bij het horen van een begrip, maar bij de vraag: wat betekent dit nu voor mijn opleiding.

Van kennis naar curriculumbewustzijn
Een onverwachte opbrengst zat voor ons in de taal die deelnemers gedurende het traject gingen gebruiken. In de presentaties en gesprekken hoorde je steeds vaker woorden en redeneringen terug die lieten zien dat er echt curriculumbewustzijn ontstond.
Niet alleen: “we moeten iets aanpassen aan deze toets” of “deze lesactiviteit werkt nog niet goed”, maar: wat zegt dit over onze leeruitkomsten? Hoe hangt dit samen met onze visie? Welke keuzes maken we impliciet? En wat betekent dit voor de manier waarop collega’s samen verantwoordelijkheid nemen voor het curriculum?
Een mooi moment daarin was de bijeenkomst in de vo-groep waarin deelnemers met het Double Diamond-model een curriculumontwerptraject uittekenden. Daar kwam veel samen uit eerdere bijeenkomsten: analyseren, ontwerpen, keuzes onderbouwen, collega’s meenemen en blijven schakelen tussen het grotere geheel en de concrete praktijk.
Op zo’n moment zie je dat de rol van curriculumexpert niet alleen gaat over kennis hebben. Het gaat ook over regie nemen, vragen kunnen stellen, taal geven aan complexiteit en anderen helpen om mee te bewegen.
Een andere uitspraak bleef hangen: “Ik durf mezelf nu echt curriculumexpert te noemen.“
En dat is misschien precies waar de opleiding om draait: dat er vertrouwen ontstaat om de rol van de expert op te pakken.
Wat nemen we mee naar volgend jaar
Ook voor ons was deze eerste editie leerzaam. We hebben opnieuw ervaren hoe belangrijk het is om theorie en praktijk voortdurend met elkaar te verbinden. Verdieping is nodig, zeker bij curriculumvraagstukken. Maar zonder toepassing in de eigen praktijk blijft het al snel te algemeen.
Daarnaast zagen we hoe krachtig het is om een opleiding iteratief te ontwerpen. We hebben vooraf veel doordacht, maar pas tijdens het geven zie je echt waar deelnemers extra houvast nodig hebben, waar meer ruimte mag ontstaan en welke opdrachten sterker werken dan verwacht.
Richting volgend jaar nemen we daarom vooral mee dat de balans belangrijk blijft: voldoende inhoudelijke diepgang, voldoende praktische toepasbaarheid en genoeg ruimte voor de eigen casus. Juist die combinatie maakt dat deelnemers niet alleen meer weten, maar ook anders gaan kijken en handelen.
Wat de eerste drie groepen ons in elk geval hebben bevestigd: er is behoefte aan professionals die curriculumexpertise binnen hun eigen school of opleiding kunnen versterken. Mensen die niet alleen meedenken over losse onderdelen, maar het grotere geheel leren zien. Mensen die collega’s kunnen helpen om keuzes bewuster te maken, en die curriculumontwikkeling niet zien als een project naast het onderwijs, maar als onderdeel van goed onderwijs maken.
Daar bouwen we volgend jaar graag op verder.
📚 Opleiding Curriculumexpert
Ontwikkel je tot curriculumexpert, zodat je binnen jouw school of opleiding de ontwikkeling van het curriculum kunt (bege)leiden. Hierbij ga je aan de slag me je eigen casus, zodat je het geleerde direct kunt toepassen in je eigen praktijk.
📍 8 lesdagen
💬 15 deelnemers (max)
🤝 Hands-on begeleiding
