Kleine experimenten in de les: zo blijf je leren én groeien

Jezelf blijven ontwikkelen klinkt als docent vaak groot. Het lijkt dan misschien alsof je alles anders moet doen. Soms is dat ook het lastige wanneer experts praten over hoe goed onderwijs eruit moet zien: het gaat dan al snel over modellen, theorieën, en wat ‘goed’ of ‘fout’ is. Is dat echt hoe onderwijs werkt? Natuurlijk niet! De meest praktische en laagdrempelige manier om als docent te ontwikkelen is door doelbewust nieuwe dingen te proberen. Kortom: kleine experimenten in de les om van te leren!

Ervaringsvak

Onderwijs is een echt ervaringsvak. Als docent kom je van de opleiding of als zij-instromer, en start je vrijwel direct met één of meerdere groepen leerlingen of studenten. Je krijgt wat tips van je collega’s, een studiewijzer of planner, en dat is het. Na een tijdje vind je jouw eigen stijl van lesgeven en heb je het allemaal op orde.
Maar, na een aantal jaar merk je dat je veel op de automatische piloot aan het werk bent. Dat loopt best aardig, maar je weet: er zit meer in. Alleen, hoe kom je nu verder als docent? Wat kun je doen om opnieuw de liefde voor het vak te ontdekken én weer een nieuwe ontwikkeling door te maken?

Waarom eigenlijk?

Maar eerst: waarom zou je als docent moeten blijven ontwikkelen? Als het goed gaat, dan is het toch niet nodig om weer iets nieuws te bedenken? En zeker: het moet ook niet gaan over veranderen om te veranderen. Zaken die je als docent goed op orde hebt moet je echt niet overboord gooien, er is ook niks mis met een beetje automatische piloot. Tegelijkertijd is er ook een keerzijde: we hebben het namelijk wel over de sector waar leren voorop staat. En daar mag jouw eigen leren best in meegenomen worden!

Kleine experimenten

Als je wilt ontdekken wat er anders kan, waar start je dan? Een van de meest praktische manieren is om te beginnen met ‘kleine experimenten’. De kern is eenvoudig: je gaat één onderdeel van de les nét anders aanpakken dan voorheen. Geen enorme omslag, niet alles ineens anders, maar een klein onderdeel veranderen. En dat houd je een tijdje vol. In het begin zal het vooral wennen zijn, en kost het veel bewuste aandacht. Maar terwijl je bezig bent met het veranderen van je gewoonte als docent, leer je ook weer ontzettend veel bij.

En net als bij onderzoek: deze kleine experimenten zet je in om ervan te leren. Niet zomaar elke les totaal iets anders doen, maar bewust kleine stappen zetten om daar ook zelf weer ontdekkingen te doen. Wat past bij jou, wat werkt voor jouw leerlingen of studenten en hoe kun je dat nu nog meer gebruiken? Het is dus nodig om een klein experiment meerdere keren te gebruiken en niet te veel experimenten tegelijk te doen. Je wilt tenslotte iets leren!

Deze ‘kleine experimenten’ maken niet alleen je lessen beter en uitdagender, het houdt jezelf ook scherp om te blijven ontwikkelen! Aan wat voor soort experimenten je dan moet denken? Hieronder een aantal tips die je vanaf morgen al kunt proberen in de les.

Experimenten tips

  1. Begin met een vraag in plaats van de doelen

Een kleine verandering die zomaar grote gevolgen kan hebben. Wat als je de les begint met een vraag die alle leerlingen of studenten moeten kunnen beantwoorden aan het einde van de les? Het mag daarbij best een pittige vraag zijn, en misschien moet je aan het eind van de les iets meer ruimte nemen om de vraag echt samen te beantwoorden. Waarom dit een goed experiment is? We houden van antwoorden krijgen op onze vragen, en daarom werkt een vraag zo goed als start! Het helpt leerlingen en studenten om te begrijpen waarom ze iets doen én het helpt om het leren te richten.

  1. Geef geen aanwijzingen

We geven als docenten enorm veel aanwijzingen tijdens een les. Zo weten leerlingen of studenten wat je van ze verwacht. Maar: al die aanwijzingen zorgen er ook voor dat je als leerling of student eigenlijk niet hoeft na te denken, je docent vertelt het toch wel. Wat als je de hele les geen aanwijzingen of antwoorden meer geeft, maar alleen wedervragen stelt? Heel irritant (en moeilijk) in het begin, maar je ziet dat leerlingen of studenten ineens zelf gaan nadenken. En dat is wat je eigenlijk wilt, toch?

  1. Gebruik een nieuwe werkvorm

Het kunnen inzetten van werkvormen als docent, is als het hebben van een grote gereedschapskist: het maakt het werk écht een stuk makkelijker. Het is dus een goed idee om het palet aan didactische keuzes te vergroten, en veel te experimenteren met werkvormen. Kijk bijvoorbeeld eens op leer.tips/werkvormen, en probeer elke maand een nieuwe werkvorm. Zo heb je aan het einde van het schooljaar minimaal 10 werkvormen die je zo kunt inzetten!

  1. Ga tekenen

Uitleggen kunnen we als docenten vaak heel goed, maar hoe beklijft dit in de hersenen van de leerlingen of studenten? In ons brein leggen we een soort kaarten aan, waarin kennis verbonden is. En laat dat nu heel goed na te doen zijn met potlood en papier! Ga aan de slag met leerlingen of studenten om mindmaps, schema’s, tijdlijnen en andere visualisaties te maken van de belangrijkste inhoud. Zo wordt het verband en de samenhang beter zichtbaar én beklijft het ook beter.

  1. Laat ze iets maken

We toetsen graag door middel van schriftelijke toetsen. Logisch: het is eenvoudig na te kijken en iedereen levert hetzelfde ‘product’ op. Toch is het de moeite waard om leerlingen of studenten meer zelf te laten maken. In welk product denken ze hun kennis echt te kunnen laten zien? Door op deze manier het geleerde zichtbaar te maken verhoog je niet alleen de motivatie, maar beklijft ook het leren.

  1. Speel met de structuur

Kent jouw les een hele vaste structuur? Eerst wat uitleg, dan wat vragen en dan aan de slag? Wat als je deze structuur omgooit en het in een andere volgorde aanpakt? Bijvoorbeeld: eerst de moeilijkste opdracht, dan deze samen bespreken en vragen beantwoorden en dan pas de uitleg. Het spelen met de structuur verandert meer dan alleen de volgorde: het laat je doelbewust nadenken over de verschillende functies, om zo tot sterkere lessen te komen.

Kortom

Er zijn natuurlijk nog veel meer kleine dingen die je kunt bedenken om aan je lessen te veranderen. En op een gegeven moment wil je misschien ook verder: niet alleen op lesniveau kijken, maar juist lesoverstijgend. Denk aan het veranderen van een module of hoofdstuk, om te kijken wat dat oplevert. Hoe dan ook is het op deze manier werken aan onderwijs waardevol. Het daagt jezelf uit én helpt uiteindelijk om leerlingen of studenten beter onderwijs te geven.

Veel plezier met experimenteren!

image_pdfDownload artikel

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *